Volgens de media heeft de Arubaanse minister-president een van de leden van de Staten, de Arubaanse volksvertegenwoordiging, onlangs uitgemaakt voor "cochino", Spaans voor zwijn of varken. Wel, zwijnen horen thuis in een zwijnestal, en dus geeft de minister-president hiermee impliciet aan wat menigeen al geruime tijd denkt, dat de Staten een zwijnestal is. Wellicht heeft ie dat in zijn kortzichtigheid niet beseft, maar toch heeft ie hiermee aanleiding gegeven eens te kijken wat er in de Staten gebeurt en wat er in een zwijnestal plaatsvindt. Er zijn een aantal opmerkelijke overeenkomsten te observeren. Ik geef hieronder weer wat er in een zwijnestal gebeurt, en laat het aan uw voorstellingsvermogen over wat de parallellen zijn met de Staten.
Het doel van de zwijnestal (of zwijnerij zo u wilt) is het mesten van zwijnen. Vanaf een aanvangsgewicht van ca. 22 kg worden jonge zwijntjes van verschillende moeders (vadereigenschappen komen uit een KI-rietje en zijn dus verder van weinig belang, behalve in de gevallen dat nog van een afgeragde beer gebruik gemaakt wordt) in tomen van 20 opgezet in een hok met het doel zo snel mogelijk een slachtgewicht te bereiken van ca. 110 kg. De zwijntjes moeten een gemiddelde groei van 1 kg per dag doormaken om de zwijnerij enigszins rendabel te maken. De best presterende zwijntjes worden geselecteerd om als ouderdieren te fungeren voor de volgende generaties in plaats van direct naar de slachtlijn te gaan bij het bereiken van het gewenste gewicht. Dus wie in 88 dagen niet aan de meet komt doet verder niet meer mee. De selectie aldus draagt er zorg voor dat de zwijntjes steeds vroeger dik en rond worden. Om snel dik en rond te worden moeten ze zo min mogelijk actief zijn en dus liggen ze meestentijds in klusjes lekker te luieren. Alleen met voertijd komt het erop aan het eerst aan de trog te zijn om een zo groot mogelijk deel van de spoeling te bemachtigen. Het aan de trog komen gaat gepaard met geweldig gegil en gekrakeel; er wordt in oren, staarten en poten gebeten om de medezwijnen uit te schakelen, alles is toegestaan om het eerst en het meest te kunnen vreten. Als de spoeling op is rest nog slechts het onderschijten van het hok en vervolgens kunnen de zwijntjes weer vredig en in alle gemoedsrust in klusjes liggen luieren tot de volgende voedertijd. Meestal wordt de mestcyclus op deze wijze volbracht zonder echte incidenten. Alleen als de pest uitbreekt in het hok moet de veterinair langskomen met zijn spuiten om de boel te saneren of andere uitwassen te bestrijden. Maar dan moet het hok wel eerst erg ziek zijn want een paar zwijntjes cureren loont niet.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten